ouwe meuk in de categorie uit den ouden doosch

Zo’n 2 decennia geleden brachten we onze zomervakanties steevast door op Camping l’Arche in Anduze. In anderhalve dag trok onze Starlet één-punt-nul zonder tegensputteren een Alpenkreuzer naar het zuiden van Frankrijk. Deze vouwwagen, toonbeeld van (zo blijkt nu pas) Oostduitse degelijkheid was het ideale campeervehikel. Het opberg- en slaapcomfort van een caravan gecombineerd met het tentgevoel van een… eh… tent. Het opzetten duurde dan misschien wel wat lang, maar ’t was per slot van rekening vakantie. Thuisgekomen werden er wat beugeltjes onder gejast en hopla, daar stond ie op zijn kant tegen de garagemuur. Geen omkijken meer naar. In 1989 zat ik er voor ’t laatst in.

Het is nu 16 jaar later en we zijn ons aan het ‘oriënteren’ op diezelfde vouwwagenmarkt. De kids worden groter en na enkele jaren van vakantieparken en stacaravans wordt het volgend jaar tijd voor Echte Kampeeractiviteiten. Er zijn 3 opties. Optie 1: met een tent op vakantie en derhalve op zoek naar én een nieuwe tent én een aanhangertje om de hele kampeermeuk volgend jaar mee te kunnen zeulen. Optie 2: een caravan. Optie 3: een vouwcaravan. Degenen die nu hun neus ophalen omdat ze hetzij fervente caravanslepers zijn (tossers) ofwel alles wat niet van tentdoek is gemaakt op een camping verfoeien (tossers) die mogen nu afhaken. Er blijven weinig lezertjes over: de vouwwagenliefhebbert is dungezaaid en wordt al decennia met pek en veren het spreekwoordelijke dorp uitgejaagd. U begrijpt al welke van de 3 keuzes het is geworden.

Het oriëntatieproces Een Nieuwe Vouwwagen begint met de nulfase: googlen. Natuurlijk is er maar 1 zoekterm die dan in mij opkomt en dat is ‘Alpenkreuzer’. Resulterend in het uitkomen bij een nostalgische website die geheel is gewijd aan het fenomeen ‘vouwwagen’. Met daarin prominent de prachtige Alpenkreuzer. Ik kan de krekeltjes weer bijna horen… Dat ons oog momenteel is gevallen op een Roadmaster Family S, dat moet u dan maar niet hardop roepen. Heiligschennis ?

Wat doe je met onverwachte meuk die je tijdens een zoektocht (naar iets héél anders) aantreft op zolder ? Onder de scannerdeksel mikken en op deze wijze behoeden voor verder verval door papiervisjes, overbelichting of warmteinvloeden. Maak er eventueel een apart rubriekje van op je weblog, want de meuk die in de krochten van de zolder te vinden is levert voldoende materiaal op voor een karrenvracht aan afleveringen. Bij deze dus aflevering 1.

“Evenals in het ‘gedrukte exemplaar’ van de Top40 (dat ik zo’n 25 jaar geleden elke week trouw bij ‘Hans’ in Oss ging afhalen) was deze hitlijst ook te bezien in vele regiokrantjes. Een draak van een courant (ik noem geen naam, doch als ik zeg dat het begint met Regio en eindigt op Oss weten de intimi genoeg), maar dankzij nobel uitknipwerk liep mijn speciaal daarvoor aangeschaft schriftje langzaam vol met deze top40’s-op-krantenpapier. Het schriftje is inmiddels niet meer. Evenals de erin geplakte top40’s. Ik heb nog één verknipt exemplaar kunnen vinden. Of vinden; ik liep er vanavond per ongeluk tegen aan.

Let vooral op nummer 24. Op dat moment niet wetend dat dat bandje (doch niet zozeer dat nummer) 20 jaar na dato zo’n grote rol in mijn bestaan zou spelen. Of misschien toch ? Schijnbaar vond ik het het enige nummer in die hele lijst dat het waard was om met mijn speciaal bij het schrift bewaarde rode stift van 3 bolletjes (= goed !) te worden bekroond…

Ps: let ook op de schitterende spelwijze van ‘Gerry Moor’. Volgens mij was de publicatie van deze lijst een stuk clandestiener dan de Regio Oss het mij wilde doen geloven. En dat Georgie Davis van mij 1 bolletje kreeg moet u mij niet euvel duiden. Ik ben al lang blij dat ik de nummer 1 niet op die wijze heb gelauwerd :-)”

(c) 2008 StationTenderness